Een grote fout van de Prins

Prins Willem III heeft één grote fout gemaakt tijdens het Rampjaar. Dat was in de maanden dat de waterlinie ophield van water te zijn. De winters van de 17e eeuw waren streng. In oktober gingen al geruchten dat de Fransen bezig waren met het smeden van schaatsen en sleden. Iedereen achter de waterlinie hield de temperatuur in de gaten.

Niettemin besloot Willem om met het grootste deel van zijn leger Holland te verlaten en richting Maastricht te marcheren. In Frankfurt am Main bevond zich namelijk een krijgsmacht van Duitse bondgenoten, met wie hij hoopte een ontmoeting te bewerkstelligen. Samengevoegd, zo redeneerde Willem, konden ze de vijand een pak slaag uitdelen. Als bewaking van de waterlinie liet hij een schamele 11.000 man achter, verspreid over de vijf posten.

De hertog van Luxembourg

De Franse bevelhebber, de hertog van Luxembourg, zag zijn kans schoon. Op 28 december vertrok hij uit Woerden met een stoet van 9000 man voetvolk, 900 paarden en 40 karren. Bestemming was Den Haag. In een geïnspireerde speech beloofde hij zijn mannen ‘vrije plunder en vrouwenkracht’. Luxembourg negeerde de natte sneeuwvlokken.

Die bleken echter de voorbode van een snelle dooi. Luxembourg was gedwongen de paarden, ruiters en karren terug te sturen. Met zo’n vijfduizend man vervolgde hij zijn weg over het ijs van de Zegvelder polder. Bijna een half etmaal deden de Fransen erover om de overkant van de waterlinie, inmiddels een witte vlakte vol brede zwarte scheuren, te bereiken. Sommigen verdronken, velen waren druipnat, iedereen was verkleumd. Voor Luxembourg en zijn mannen zat er maar één ding op: zo snel mogelijk terug zien te komen naar Woerden.

Uitgemoord en platgebrand

De terugweg ging over de Rijndijk, die enige weg die boven het water uitstak, en die de versterkte dorpen Bodegraven en Zwammerdam en het fortje Nieuwerbrug met elkaar verbond. Om naar Woerden te komen zouden de Fransen dus drie maal slag moeten leveren. Maar de Nederlandse strijdkrachten hadden zich in allerijl teruggetrokken achter de waterlinie. Tot grote verrassing van de Fransen ontmoetten ze bij hun terugtocht helemaal geen tegenstand. Bodegraven en Zwammerdam werden uitgemoord en grotendeels platgebrand. Toen Willem terug was uit Limburg waren de Fransen allang terug in Woerden. Willem wist nog profijt te trekken uit zijn blunder. Het rijk geïllustreerde pamflet dat hij liet maken over het bloedbad werd een propaganda-succes van internationaal formaat.