De nieuwe vesting moest de doorgang over de zuidelijke Lekdijk beheersen. Samen met Schoon­hoven aan de andere kant van de Lek grendelde het de rivier en de dijken af voor vijandige land- en vaarbewegingen.

Stadhuis met daaronder de sluis

Om het omliggende gebied gecontroleerd te kunnen laten inunderen werd een inlaatsluis ge­bouwd voor water uit de Lek. De sluis is aange­legd onder het stadhuis, zodat personen die tegen inundatie waren geen sabotage konden plegen.

In 1787 werd Nieuwpoort belegerd door de Pruisen. De bezetting was niet in staat enige weerstand te bieden tegen de overmacht van de Pruisen, zodat de vesting zonder een schot te lossen in handen van de vijand – of zo men wil de bevrijders – viel. De Pruisen vonden een groot Arsenaal vol met oorlogs­tuig en ammunitie en namen alles mee. Bij de inspectie van december 1787 bleek het ge­bouw dan ook grotendeels leeg. Alles van waarde was als oorlogsbuit ingescheept en naar Wesel ge­voerd, tot zelfs de gereedschappen en palissaden toe. Hetzelfde overkwam de vesting Schoonhoven.